‘De beste van alle tot nog toe voorkomende vormen van maatschappelijk samenleven loopt vast, terwijl overal brandstapels worden aangestoken waarop alles terechtkomt wat te maken heeft met gezond verstand, met feiten, empathie, naastenliefde en vrede.’

Dat schrijft de Georgische schrijfster Nino Haratischwili.

We zien dezer dagen hoe deze destructieve krachten ook ons democratisch bestel binnendringen. Allang niet meer op slinkse, verborgen wijze zoals eerder, maar heel expliciet en verbaal. Bijna de helft van ons parlement stemt zo langzamerhand in met het idee dat de meeste problemen in ons land te maken hebben met een ‘omvolking’ die alleen te stoppen zou zijn door een massale deportatie van iedereen die niet voldoet aan de criteria van wat ‘de natiestaat’ wordt genoemd. In keurige Nederlandse dorpen worden mensen die vluchten voor genocide en oorlogsgeweld, afgeschilderd als beesten die onze vrouwen en dochters komen verkrachten. De algoritmes, beheerd door machten die uit zijn op totale ontregeling van onze Europese stabiliteit, halen alles uit de kast om mensen te laten geloven in complottheorieën die de aandacht afleiden van wat onze wereldorde daadwerkelijk eindeloos bedreigt. En de technologische ontwikkelingen op het gebied van AI lijken ons het menselijk vermogen om zelfstandig, kritisch te blijven nadenken stukje bij beetje af te nemen. Ook daar hebben de heersende machten, die mede achter deze techniek zitten, alle belang bij. Het tempo waarin deze agressieve destructie van alles wat menselijk is plaatsvindt, hebben we zo nog niet eerder gezien in onze geschiedenis. Het is daarom van levensbelang om juist in deze ‘fascistoïde tijden’ dat boek dat ons van oudsher leerde wat menselijkheid is, te openen en op onze tijd te leggen.

Babel

Het verhaal van de torenbouw van Babel uit het boek Genesis vertelt het verhaal van onze tijd (Genesis 11:1-9). Het is het verhaal van zelfbehoud ten koste van alles wat menselijk is. Er moet een stad komen met een toren die reikt tot in de hemel. Een ommuurde stad die ervoor zorgt dat ‘we niet verstrooid raken over de aarde’, zo staat er letterlijk. Terwijl in Tora juist de opdracht klinkt dat de mens is geroepen om zijn licht op te steken onder de volkeren. Om daar te zijn waar de verstrooiden der aarde te vinden zijn. Dan komt een mens immers pas echt tot zijn recht. Maar in Babel moeten de torens verticaal tot in de hemel reiken om zo de hemel te annexeren voor de macht op aarde. Het menselijk leven moet in de mal van de éénsprakigheid gepropt worden ten bate van de glorie van de macht. Meerduidigheid is een bedreiging want stelt vragen. En die kunnen we niet gebruiken. De hele wereld achter dat blauwige scherm met dezelfde plaatjes, dezelfde vragen en vooral met dezelfde antwoorden. Tech-giganten zien hun ultieme droom verwezenlijkt: het hele universum bereikbaar en controleerbaar. Het wapen van AI als perfect middel om het kritisch denkvermogen uit te schakelen. Iedereen dezelfde taal. Het leek een prachtplan van Marc Zuckerberg om ‘sociale media’ te bouwen die alle mensen met elkaar zouden gaan verbinden. Maar nu juist dit plan blijkt in de praktijk een van de grootste bedreigingen voor de gemeenschapszin. Het blijkt een toren van Babel te zijn.

Terach

De vader van aartsvader Abram voelt aan alles: hier moeten we niet meer willen zijn. Zo komen we niet tot onze bestemming. Zijn verhaal staat haaks op de ideologie van Babel. Het eerste dat over hem verteld wordt, is dat zijn eersteling Haran sterft. De dood doet zijn intrede in het land waar de hybris en de vitaliteit zegevieren, en sterfelijkheid wordt gezien als een bedreiging. Het past niet meer. En daarom verlaat Terach het land van de ballingschap om op weg te gaan naar een land waar de menselijkheid wel een kans krijgt. Met alles wat hij heeft, trekt hij weg uit Babelland. Maar uiteindelijk komt dit eigen initiatief van Terach niet verder dan Haran. De naam van zijn eersteling en de naam van de plaats waar hij strandt smelten ineen. Terach komt niet verder en blijkt in zijn rouw te zijn gaan wonen.

Ga jíj!

En precies dan klinkt in dit verhaal die ongekende klaroenstoot gericht tot de oervader van de Tora. Een stem roept ‘Ga jíj! Uit je land, uit waar je verwekt bent, uit je vaderhuis, naar het land dat ik jou zal laten zien…’ (Genesis 12:1). Het is de stem die door heel de Tenach klinkt. De wakker schuddende stem die oproept om op te staan. Om geen genoegen te nemen met het bestaande. Een mens wordt pas een mens als hij in staat is zijn verleden los te laten en op weg te gaan. Het is als de vogel die zijn nest uitgeworpen wordt om zelf te gaan vliegen. Niet blijven zitten waar je zit maar op weg gaan. En met die klaroenstoot krijgt Abram de grote belofte mee. Jouw gaan zal staan in het teken van een nieuwe toekomst. Jouw opstandingskracht zal zich vermenigvuldigen over de adama, de mensengrond. Tot een zegen zal je zijn. Dat land waar je naartoe op weg gaat, is iets dat aan jou gaat gebeuren. Het zal niet zijn zoals in Babel. Geen in beton gegoten torens. Geen bezit, geen macht. Maar wel een visioen dat het houdt in nachtelijke tijden.

En Abram gaat. Het is de eerste stap naar menswording. Loslaten wat jou vasthoudt en het wagen met een stem die met je gaat. Zoiets. Abram trekt weg uit Haran, de plaats waar de dood het laatste woord leek te hebben. En in zijn kielzog gaat ook Lot, de zoon van zijn gestorven broeder. De mens aan wie Abram gespiegeld zal worden. Zonder Lot kunnen we Abram niet begrijpen. Aan de kant van Abram staat Sarai. Zij samen zullen het moeten gaan doen. Maar hoe is een grote vraag. Want juist van deze aartsmoeder wordt gezegd dat zij onvruchtbaar is. Een kindje is er voor haar niet. Het is de bijbelse metafoor voor een toekomst die je niet zelf in handen hebt. Waar je geen grip op hebt. Zo anders dan in Babel waarin maakbaarheid het een en het al is. Waar toekomst wordt afgemeten aan kaarten die jij in handen hebt. Wordt afgemeten aan de potentie die jij in je hebt. In Babel is een onvruchtbare een loser die niet meedoet aan het spel van de winnaars. Abram met lege handen. Met enkel een stem. Weggeroepen uit het systeem dat de mensheid gevangenhoudt. Weggeroepen om met vallen en opstaan te gaan ontdekken wat een mens nodig heeft om mens te worden.

Weerstand, twijfel en ongemak

Dat de weg van Abram niet de weg van de minste weerstand is, wordt uitvoerig verteld in de tien hoofdstukken die volgen op de klaroenstoot waarmee alles in beweging wordt gezet. Het klonk allemaal zo veelbelovend, maar in praktijk blijkt het een weg van weerstand, twijfel en ongemak te zijn. Dat land blijkt een land in honger te zijn, de beloofde toekomst blijft uit en nachtmerries stapelen zich op. Het leven van Abram blijkt een leven zonder oplossingen, antwoorden en verklaringen. Daarmee moet hij het uithouden. Het blijken de integrale condities te zijn van het menselijk leven. Menswording gaat niet zonder weerstand, twijfel en ongemak. De huidige Tech-wereld waarin wij verzeild zijn geraakt, suggereert dat het leven zoveel gemakkelijker is zonder dit alles. AI kent geen twijfel. Het is bedoeld om alle twijfel weg te nemen. Het suggereert dat er op alle vragen een antwoord is en voor alle problemen een oplossing. AI belooft elk ongemak uit ons leven te kunnen bannen. En als we niet uitkijken, gaan we daar nog in geloven ook. Een gelukkig leven is een rimpelloos leven, zo is de suggestie. Het lijkt allemaal prachtig, maar uiteindelijk zal het geloof in deze leugen een van de grootste bedreigingen voor de menselijkheid blijken te zijn. Het verhaal van Abram laat zien hoe weerstand, twijfel en ongemak juist iets blootleggen van waar het in het leven om gaat. Niet de eigen maakbaarheid blijkt het criterium voor een menswaardig leven, maar menswaardig leven is leven in de relatie tot iemand die jou tot hulp is. Twijfel maakt dat je uit je eigen cocon stapt om je uit te strekken naar iemand die of iets dat jou verder kan helpen. Het bevrijdt je van de waan dat jij het in je eentje wel redden kunt. Een leven met weerstand, twijfel en ongemak staat haaks op het Babelleven waarin de brug is opgehaald en je je veilig waant in je hoge toren. Dat is precies wat het verhaal van Abram - die uiteindelijk Abraham gaat heten - ons heden ten dage kan leren.

Toekomst

En dan hebben we het nog niet eens over waar dit oerverhaal op uitloopt. Dat een mens pas mens kan worden als hij zijn verleden loslaat, daarmee zet dit verhaal in. Maar het loopt uit op het zo vaak totaal misverstane verhaal over de toekomst. Wil een mens een waarachtig mens worden, zal hij niet alleen zijn verleden moeten kunnen loslaten, maar ook zijn toekomst. Daarover gaat het verhaal over de binding van de eersteling van Abraham en Sara (Genesis 22:1-19). De zoon die tegen alle verwachtingen in geboren wordt, moet losgelaten worden. Het is het aangrijpende verhaal dat uitloopt op die ultieme stem die roept: ‘Strek je hand niet uit naar de jongen! Doe hem niets!’ Abraham leert hier dat die zoon, die toekomst, niet zijn bezit is. En ook niet in zijn macht ligt. Het behoort aan het visioen. Alle pogingen in Babel om onze toekomst te verzekeren, lopen er uiteindelijk op uit dat wij geen verantwoordelijkheid meer voelen voor de aarde en onze naaste. De Techbro’s van Babel hebben hun grotten en eilanden allang gebouwd voor als het misgaat met de aarde, menend dat hun toekomst, hun natje en droogje, verzekerd is. Het oerverhaal van de bijbel ontmaskert deze zekerheid als een destructieve leugen die het menselijk leven onderuithaalt. Dat verhaal leert ons dat niet ons plannetje het laatste woord heeft, maar die stem die ons doet gaan in de richting van een nieuwe wereld waarin elk mens telt.


In de rubriek Oude bronnen, nieuwe tijden duiken we in bekende en onbekende bijbelteksten. Oude woorden, dat zeker. Maar ze gebeuren steeds opnieuw.

Ad van Nieuwpoort is theoloog en schrijver, en redactielid van Tegengif.